Woord van de week – 26 mei

WB_24_05_ 26 Voor zondag 26 mei 2024

“Bid!” of “De adem van het geloof” 1 Timoteüs 2:1–6

1 Allereerst vraag ik dat er voor alle mensen gebeden wordt, dat er smeekbeden, voorbeden en dankgebeden voor hen worden uitgesproken. 2 Bid voor alle koningen en gezagsdragers, opdat we rustig en ongestoord kunnen leven, in alle vroomheid en waardigheid. 3 Dat is goed en welgevallig in de ogen van God, onze redder, 4 die wil dat alle mensen worden gered en de waarheid leren kennen. 5 Want er is maar één God, en maar één bemiddelaar tussen God en mensen, de mens Christus Jezus, 6 die zichzelf gegeven heeft als losgeld voor allen, als het getuigenis voor de vastgestelde tijd.

Paulus spoort Timoteüs – zijn “waarachtig kind in het geloof” aan (1 Tim 1:2) – boven alles te letten op een levendig gebedsleven in de gemeente. Het gaat om de “adem van het geloof”: het gebed, de tweespraak, de dialoog met de drie-enige God. Alleen daardoor kan een christelijke gemeente in leven blijven. Het is net als met het menselijke organisme, ademhalen is levensnoodzaak. Als het ademen door levensbedreigende omstandigheden ophoudt, is de dood, het sterven niet meer tegen te houden, als er geen passende hulp meer mogelijk is. Ons lichaam heeft zuurstofrijke lucht nodig om de bloedsomloop en de organen voor de levensfunctie intact te houden. Een christelijke gemeente, ja de gehele kerk, kan alleen intact d.w.z. levend blijven, als een levendig gebedsleven in de praktijk wordt gebracht en dat zo blijft. Het is voor het volk van God juist bovenal van levensbelang ‘goddelijke zuurstof’ door het gebed in te ademen, zodat haar (kerkelijke) bloedsomloop klopt en de organen (ambten, medewerkers, gemeenteleden) van het lichaam van Christus met goddelijk leven door de Heilige Geest vervuld zijn en blijven. En dat is toch het wonderbaarlijke, troostrijke, geloofsversterkende, als bij het spreken met God Hij ons zijn leven gevende adem door middel van zijn Geest inblaast (Gen 2:7). Dan wordt onze ziel, die misschien in het geloof moe geworden is, tot nieuw leven gewekt. Zoals een kaars uitgaat, als hij geen zuurstof meer krijgt, zo zal ook het licht van ons geloof snel uitgaan (verstikken), als het ademen in geloof verwaarloosd of zelfs opgegeven wordt. En soms zijn we tegenwoordig toch tamelijk ‘kortademig’ geworden. Daarom heeft de oproep van apostel Paulus voor ons christenzijn hoogste prioriteit, volhardend in het gebed te blijven (Rom 12:12).

Bijna iedereen in onze maatschappij heeft een mobiele telefoon, een mobieltje. Maar voor sommigen is het een tijdverdrijf, een speelgoedje of zelfs een verslaving geworden.
Het mobieltje zou voor ons allen een motiverende vergelijking met het bidden moeten zijn, n.l. zich bij elke gelegenheid en in elke situatie met God in verbinding te stellen.
En hoe en waarvoor moeten ik dan tot God bidden?:
 Allereerst is het belangrijk, de levende God te aanbidden, HEM te loven en te prijzen (Psalm 95:6 Ga binnen, laten wij buigen in aanbidding, knielen voor onze Heer, onze maker.)
 God in gebed te danken voor dat wat Hij ons schenkt! 1 Tes 5:16 Wees altijd verheugd, 17 bid onophoudelijk, 18 dank God onder alle omstandigheden, want dat is wat hij van u, die één bent met Christus Jezus, verlangt
 God om alles (zorgen, noden, ziekte, werkeloosheid) in gebed te vragen en te smeken.
 Bij God in gebed voorbiddend in te treden (voor familieleden, medemensen, onbekenden, ongelovigen, vervolgden, onsympathieke mensen en zelfs voor vijanden, enz.). Matth 5: 43 Jullie hebben gehoord dat gezegd werd: “Je moet je naaste liefhebben en je vijand haten.” 44 En ik zeg jullie: heb je vijanden lief en bid voor wie jullie vervolgen, 45 alleen dan zijn jullie werkelijk kinderen van je Vader in de hemel.
 Maar ook, als Gods hulp bij anderen merkbaar is, daarvoor God in gebed te danken.
 Voorbede voor de eigen gemeente, voor de algehele kerk en christenheid, die nog in ettelijke landen aan vervolging lijdt.
 Voorbede voor de goddeloos geworden maatschappij!
 Voorbede voor de regering, politici en voor volk en vaderland!
 Voorbede voor de lijdende schepping, die reikhalzend uitziet naar de openbaring van de kinderen van God! (Rom 8:19)
 En voorbede doen voor de ware vrede van deze, door het kwaad geteisterde wereld!
En als de christelijke gemeente zo’n gebedsleven onderhoudt, is dit goed, waarachtig en welgevallig voor God onze Heiland! Want de Heer, onze God wil dat alle mensen geholpen worden en tot inzicht van de waarheid komen (1Tim 2:4).

Bij het bidden tot God moeten wij ook niet vergeten, dat in Jezus’ naam te doen, omdat de Zoon van God bij zijn Vader in de hemel de ware bemiddelaar van onze gebeden is (Joh 14:13).

Het was en is zeker een zeer dringend gebod voor alle tijden tegen de machten der duisternis een ‘gebedsfront’ te vormen, want alleen zo kan de satan ontwapend worden. Het is niet toevallig, dat Paulus in een brief aan de Romeinen de broeders en zusters vraagt door gebed hem in de strijd te helpen (Rom 15:30 Broeders en zusters, in de naam van onze Heer Jezus Christus en met een beroep op de liefde van de Geest, vraag ik u dringend om samen met mij vurig tot God te bidden.) Het woord van oudsher “ora et labora” (bid en werk) heeft geenszins aan actualiteit ingeboet. Het zou nog steeds ons zegenrijke levensmotto moeten zijn. Maar bij alle gebeden en ons bidden en smeken moet wel de bede uit het Onze Vader: “uw wil geschiede” het belangrijkste blijven, opdat we God de almachtige Heer niet verkeerd begrijpen als een vaste wensenvervuller. Zonder gebed verliest de gemeente ofwel de gehele kerk goddelijk leven en dreigt uit te sterven.

Als we als christenen blijven volharden in het krachtige ‘doorademen’ in het geloof, zal er steeds weer een blij en dankbaar herademen zijn. En dan zijn wij ook weer in de zin van Paulus ware zonen en dochters in het geloof. Dus, daar gaan we: ‘Zuurstof’ in de ‘longen’ en aan het ‘werk’!

F. Volkmer

 

Bericht vervalt automatisch op woensdag 26 juni , 2024